Een drijver op Spijkerbosch

on 21 May 2015

door Jan Hartkamp - Eikelhof

Het was in de jaren ’70 dat we vanuit de stad in het dorp Wesepe kwamen wonen.  Door onze hond, een Drentsche Patrijshond, was ik sterk in de jacht geïnteresseerd en had een jachtcursus gevolgd.  In contact met Jan Twellaar bleek dat het mogelijk was als drijver mee te gaan op de jachtpartijen op landgoed Boxbergen.  Wat heb ik genoten van alle belevenissen in de bossen bij dit jachtgebeuren.  Jachtmeester was graaf Jan die alles perfect onder controle had en steeds met forse stem zijn enthousiaste jachthond tot de orde moest roepen.  De praktische zaken werden geregeld door ‘Bats’ Timmer Arends met zijn assistenten Jans (Jantie) Berendijk en Jan Twellaar.  Na een rustpauze was het steevast Bats’ rustige stem:  “Keerl’s wie goat !”  

 

Maar niet alleen Boxbergen, ook Spijkerbosch kwam op mijn pad, zij het enige tijd later.  We moesten ons ’s morgens verzamelen voor het kasteel.  De heren jagers kwamen naar buiten en groepeerden zich voor het bordes.  De drijvers stonden wat meer bescheiden achteraf voor het koetshuis. Ik vond het prachtig want ik kende Eef en Adelheid als leerlingen van onze school.  Op enig moment kwam mevrouw van Limburg Stirum naar buiten om iedereen te begroeten.  Na de heren jagers kwamen ook de drijvers aan de beurt.  Tot mijn verrassing kwam mevrouw naar mij toe, gaf mij een hand en heette mij speciaal welkom tot verbazing van de andere drijvers.  Nou dat heb ik geweten! De goedbedoelde, maar sarcastische opmerkingen waren later niet van de lucht:  “Ik zol de handschoen’n vandaage mar anhoal’n” en  “Noe zu’j vanaovend ok wel een haaze krieg’n”, alles met veel humor omgeven.  Daarna ging het op pad door het landgoed richting de Wolbroeken.  Het leuke was dat Eef, Adelheid en de jonge Jan meegingen als drijver.  Dit alles onder leiding van Sam die mij daarna steevast ‘meester’ noemde.  Het struinen door het prachtige gebied van de Wolbroeken zal ik niet vergeten.  Alle voorkomende wild hebben we daar gezien.  Nu wonende op ons eigen landgoedje op de Eikelhof en ik in oktober de jagers door de weilanden en het bos zie gaan denk ik nog vaak aan die mooie tijd terug.